Actueel

Nieuwe muziek en beeldende kunst in De Duif

In 2012 speelt het Ives Ensemble op zes zondagen muziek van belangrijke naoorlogse componisten in de prachtige kerk De Duif in Amsterdam. Bij ieder concert is (video)kunst van gerenommeerde hedendaagse kunstenaars te zien.

Ontmoet musici en kunstenaars, geniet van een eeuwenoude plek en ontdek de heilzame eenvoud van tijdloze kunst.

De eerste editie is op zondag 22 januari aanstaande, van 16:00 tot 18:00. Oprichter van het Ives Ensemble John Snijders speelt Morton Feldmans 75-minuten durende pianostuk “For Bunita Marcus”.

Het optreden zal gecombineerd worden met een korte introductie, het werk ”E-volved Cultures” van het Nederlandse kunstduo Driessens & Verstappen – met dank aan Galerie Vous Etes Ici – en een informeel gesprek tussen de kunstenaars en het publiek én een borrel na afloop van het concert.

We nodigen u allen van harte uit voor een beeldschone en serene zondagmiddag. Laat eventueel via Facebook weten of u komt.

Wanneer: Zondag 22 januari

Tijd: 16:00 – 18:00 uur

Waar: De Duif, Prinsengracht 756

Toegang is slechts 5 euro.  

Partners: Non-fiction, Nederlands Instituut voor Mediakunst, Pianospeciaalzaak Koot, Stadsherstel Amsterdam

Kerk De Duif in Amsterdam


Kersttip: Morton Feldman’s Tweede Strijkkwartet

Zo net voor de Kerst kunnen we met veel plezier melden dat we volgend jaar het 5 uur durende Tweede Strijkkwartet van de Amerikaanse componist Morton Feldman zullen uitvoeren tijdens de Nacht van Electra van 14 op 15 juli 2012 (Save the date!).

De Nacht van Electra vindt plaats in het gebied rond het gemaal de Waterwolf aan het Reitdiep in het gehucht Electra in Noordwest-Groningen. Er wordt een breed scala aan kunstvormen aan gepresenteerd, waarbij verbanden worden gelegd tussen menselijke kunstuitingen en de elementen uit het omringende landschap.

Ook zijn we in gesprek met verschillende andere podia in (West) Nederland over de opvoering van het stuk in het najaar van 2012.

Anthony Fiumara, bestuurslid van het Ives Ensemble, schreef in Dagblad Trouw over de eerste opvoering van het stuk in Nederland door het Ives Ensemble in 2001:

Was zijn kennismaking met de muziek van John Cage in de jaren vijftig van groot belang, zo veranderde Feldmans stijl in de jaren zeventig. Hij begon niet alleen voor grotere bezettingen te schrijven, belangrijker was dat de tijdsduren meegroeiden.

‘Mijn hele generatie was gefixeerd op het twintig- tot vijfentwintig-minutenstuk’, schreef Feldman over zijn tijdsuitdijingen. ‘Dat was onze klok. Zodra je echter het twintig- tot vijfentwintig-minutenstuk achter je laat in een eendelig werk, rijzen er verschillende problemen.Tot een tijdsduur van één uur denk je aan vorm, maar na anderhalf uur wordt dat ‘schaal’. Vorm is gemakkelijk -dat is alleen maar het in partjes opdelen van dingen. Maar schaal is een andere zaak.’

Die schaalvergroting, gekoppeld aan een verstilling en verkleining van het muzikale gebaar (er ‘gebeurt’ nauwelijks iets in Feldmans late werken) werd hem ingegeven door schilders als Mark Rothko. Maar ook door de levende patronen op oosterse tapijten, waarvan hij een fervent verzamelaar zou worden.

In hetzelfde artikel citeerde hij violiste Josje ter Haar:

“Ik denk overigens niet dat je van Feldmans strijkkwartet in een trance raakt, of dat er rare dingen met je bewustzijn gaan gebeuren, want daar is de muziek te complex en afwisselend voor. Het werk geeft je bovendien niet zo vaak de gelegenheid om je gedachten te laten varen. Dat vind ik sterk. Volgens mij is Feldman aan het stuk begonnen zonder een idee van de uiteindelijke lengte. Met die mentaliteit hoop ik het ook te gaan spelen.”

(Bron: Dagblad Trouw, 11 oktober 2001)

De musici die het stuk zullen spelen op 14 juli (v.l.n.r.) Emma Breedveld (viool), Job ter Haar (cello), Ruben Sanders (altviool) en Josje ter Haar (viool).

We hebben CD 1 van onze eigen opname van het stuk uit 1999 (in 2003 verschenen bij HAT HUT Records) online gezet. Volgens muziekblogger Ben Harper is dit moeilijke, maar (daarom) goede muziek voor tijdens de kerstdagen. Hoe dan ook fijne dagen!

Morton Feldman / String Quartet II – CD I by Ives Ensemble

Hoe klinkt het kunstwerk? Deze woensdag in het Muziekgebouw aan ’t IJ

Hoe klinkt het kunstwerk?
14 december 2011 / 20.15 uur
Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam

Programma:

Wolfgang Rihm (1952) / Kolchis (1991) voor slagwerk, piano, harp, cello en contrabas

Morton Feldman (1926-1987) / Spring of Chosroes (1977) voor viool en piano

Louis Andriessen (1939) / Tuin van Eros (2002) voor 2 violen, altviool en cello

David Young (1969) / A Leaf from the Book of Cities Cooling in a Garden of the Torrid Zone (2006) (Nederlandse première) voor klarinet, tuba, slagwerk, piano, viool, altviool en cello

Andrew Toovey (1964) / Ja, Ja, Ja, Ja, Ja, Nee, Nee, Nee, Nee, Nee (1991) voor basklarinet, tuba, piano, 2 violen, altviool, cello en contrabas

Fabio Nieder (1957) Sogno 10 lunedì gennaio 1892 in una casa molte gente musiche son entrato a casa (2005) (Nederlandse première) voor DJ-slagwerker, piano, viool, altviool en cell

Om 18:30 is er de mogelijkheid om een speciale maaltijd te delen met leden van het ensemble. Voor slechts 10 euro serveert het nieuwe restaurant Zouthaven een heerlijke caprese salade met brood en wijn (of een andere consumptie naar keuze).

Voorafgaand aan het concert om 19:15 uur is er een inleiding door de studenten KMT van de HKU over hun visuele verklanking van de werken. Na afloop van het concert vindt in op het foyerdek een gesprek plaats tussen John Snijders en componisten Fabio Nieder en Louis Andriessen. Gespreksleider is muziekjournalist Roeland Hazendonk.

Let op: als u zich aanmeldt op Facebook komt u in aanmerking voor korting op het concert. Ga naar onze concertpagina en en geef aan dat u komt. U betaalt dan slechts 15 ipv 26 euro.

We hopen u allen morgen in het Muziekgebouw te zien!

Hoe klinkt het kunstwerk? #2 – Spring of Chosroes

Tijdens het concert ‘Hoe klink het kunstwerk?’ op 14 december in het Muziekgebouw spelen we o.a. het stuk Spring of Chosroes van Morton Feldman (1926-1987). Deze Amerikaanse componist had sterke banden met beeldende kunst(enaars), zowel in zijn werk als in zijn privéleven. Hij was bevriend met beroemde naoorlogse schilders als Jasper Johns en Philip Guston. Die laatste maakte een schilderij van Feldman met zijn karakteristieke sigaret in de mond. Feldman schreef later de muziek voor een kapel in Houston die is gewijd aan schilder Mark Rothko, het verstilde Rothko chapel.

Portret van Morton Feldman door Philip Guston, olie op doek, 1978

Spring of Chosroes verwijst naar een zeldzaam Perzisch tapijt, een van de andere kunst-gerelateerde passies van Feldman.

De subtiele herhalingen die zo karakteristiek zijn in de patronen van die antieke kunstvoorwerpen worden hier tot klinkend materiaal omgevormd. Feldman bracht zijn fascinatie voor kleden als volgt onder woorden:

The whole business of sounding expensive is part of the image of professional music as we know it. The expensive violin – the expensive bow, you see. Well, my approach to an instrument is finding instruments where terms like “perfection” and “imperfection” of construction are not important. The whole idea of going in tune and out of tune with more precise acoustical instruments is taken into consideration.

It was actually with my interest in nomadic oriental rugs that really made me start to use “imperfect” percussion with considerably more security. I’ll tell you how. In older oriental rugs the dyes are made in small amounts and so what happens is that there is an imperfection throughout the rug of changing colors of these dyes. Most people feel that they are imperfections. Actually it is the refraction of the light on these small dye batches that makes the rugs wonderful. I interpreted this as going in and out of tune.

There is a name for that in rugs – it’s called abrash – a change of colors that leads us into pieces like Instruments III which was the beginning of my rug idea. I wouldn’t say I actually made a literal juxtaposition between rugs and the use of instruments in Instruments III, but it made me not worry about it. I like the imperfection and it added to the color. It enriched the color, this out of tune quality. Just like I like my piano out of tune a little bit. It’s warmer.

(Bron: Chris Villars)

» Spring of Chosroes van Feldman is te beluisteren via YouTube (in twee delen).

CD-cover van Crippled Symmetry, een stuk van Morton Feldman uit 1983. 

Kijk hier voor meer informatie en kaarten voor het concert op 14 december via de website van het Muziekgebouw aan ‘t IJ.

14 december: Muziekgebouw aan ’t IJ

Hoe klinkt het kunstwerk?

WO 14 DECEMBER 2011 / 20:15 / GROTE ZAAL / MUZIEKGEBOUW AAN ‘T IJ

Door alle eeuwen heen hebben componisten werk geschreven dat is gebaseerd op andere kunstwerken. Niet alleen literatuur maar ook schilderkunst blijkt een dankbare bron van inspiratie. Het Ives Ensemble laat in dit programma horen hoe de werken van dichters, beeldhouwers, schilders en andere kunstenaars direct leiden tot composities.

De werken van Rihm, Feldman, Andriessen en anderen op dit programma zijn uiteenlopend en bijzonder. Net als de sculpturen, gedichten, tapijten, performances en schilderijen die de directe aanleiding voor hun ontstaan zijn geweest.

Zo baseerde Andrew Toovey zijn stuk op de performance Ja, Ja, Ja, Ja, Ja, Nee, Nee, Nee, Nee, Nee van Joseph Beuys.

Wolfgan Rihm schreef zijn compositie met een sculptuur van Kurt Kocherscheidt in gedachten.

PROGRAMMA

Wolfgang Rihm – Kolchis

Morton Feldman – Spring of Chosroes 

Louis Andriessen – Tuin van Eros 

David Young – A Leaf from the Book of Cities – Cooling in a Garden of the Torrid Zone (Nederlandse première) 

Andrew Toovey – Ja, Ja, Ja, Ja, Ja, Nee, Nee, Nee, Nee, Nee 

Fabio Nieder – Sogno 10 lunedì gennaio 1892 in una casa molte gente musiche son entrato a casa (Nederlandse première) 

Met medewerking van studenten van de afdeling Kunst, Media en Technologie van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU).

Klik hier voor het Facebook-event

Joseph Beuys

4/5 recensie van concert Morton Feldman in Felix Meritis

Op dinsdag 15 november speelden wij Morton Feldmans Piano, Violin, Viola, Cello (1987) in Felix Meritis. Masterstudent muziek-technologie Rutger Muller schreef een recensie voor de website Bachtrack. “I am very thankful to have been able to experience this piece live. I believe that the Ives Ensemble delivered the music as it was intended.” 

Felix Meritis, located in central Amsterdam, is west Europe’s oldest concert building. One of its concert series for fall 2011 is “News from the Front – 250 years of ‘modern’ music”, offering performances by three renowned ensembles: the Van Swieten Society, the Ives Ensemble and the Asko Chamber Choir. On a wintry tuesday evening I cycled to Felix Meritis to witness the Ives Ensemble playing ‘Piano, violin, viola, cello’ (1987) by Morton Feldman (1926-1987). The Ives Ensemble was founded in 1986 by pianist John Snijders to perform unconducted chamber music from the 20th and 21st century.

Feldman is one of the most significant names in 20th century classical music. His work was shaped by the experimental New York School of composers and the New York arts scene. A friend of avant-garde composer John Cage, he met artists like action painter Jackson Pollock and abstract painter Philip Guston, with whom he became close. Feldman drew inspiration from ‘abstract expressionism’, a raw and rebellious artform that put New York City at the center of the western art world after World War II. Works from this movement expressed an impulsive directness, rather than a chronologic story. The same can be said for Feldman’s compositions.

Lees het stuk op Bachtrack.

Het Ives Ensemble repeteerde op 14 november ‘Piano, Violin, Viola, Cello’ van Morton Feldman voor het concert op 15 november in Felix Meritis in Amsterdam.

Cello – Job ter Haar
Piano – John Snijders
Viool – Josje ter Haar
Altviool – Ruben Sanderse

De laatste repetitite van John (piano), Josje (viool), Ruben (altviool) en Job (cello) voor het concert van morgenavond in Felix Meritis. We repeteren in MuzyQ in Amsterdam-Oost, dat gelukkig nog dienst doet als oefenruimte. Om de hoek zitten ook Knalpot, Calefax en Saelors. Een fijne plek, deze nieuwe betonnen doos.

Concert: Morton Feldman ‘Piano, violin, viola, cello’

Ives Ensemble
Piano, violin, viola, cello
15 november 2011 / 20.15 uur / Felix Meritis, Amsterdam
Serie Nieuws van het Front

Programma
Morton Feldman (1926-1987) Piano, violin, viola, cello (1987)

Ives Ensemble
John Snijders piano
Josje ter Haar viool
Ruben Sanderse altviool
Job ter Haar cello

Om 19 uur is er de mogelijkheid aan te schuiven bij het ensemble voor soep, brood en een glas wijn voor 7,50 euro (reserveringen via Facebook of info@ives-ensemble.nl). Musicoloog Melle Kromhout zal een kort betoog houden over ‘klank & Morton Feldman’. Let op: er is slechts een beperkt aantal plaatsen beschikbaar voor het diner.
Na afloop van het concert vindt in de foyer een gesprek plaats tussen John Snijders en schilder Steven Aalders o.a. over Feldman en zijn relatie met de beeldende kunst.

Morton Feldman
Morton Feldman werd op 12 januari 1926 in New York City geboren. Op twaalfjarige leeftijd studeerde hij piano bij Madame Maurina-Press, zelf een leerlinge van Busoni. In 1950 vond Feldmans tot dan toe belangrijkste ontmoeting plaats, die met John Cage. Daarmee begon een artistieke vriendschap die van enorme betekenis zou zijn voor de Amerikaanse muziek in de jaren ’50. Vooral onder invloed van schilders als Mark Rothko, Philip Guston, Franz Kline, Jackson Pollock en Robert Rauschenberg kwam Feldman ertoe zijn eigen klankwereld te zoeken, een directer, lichamelijker klankwereld dan er tot dusverre bestond; maar ook een taal die betrekking heeft op het non-figuratieve, ‘naamloze’ aspect van de abstract-expressionistische beeldende kunst. Vanaf het eind van de jaren ’70 begonnen zijn composities sterk in lengte toe te nemen, zozeer dat een uitvoering van het Tweede Strijkkwartet wel vijf uur in beslag neemt. Op 3 september 1987 overleed hij, 61 jaar oud, in zijn huis in Buffalo.

Misschien is het omdat ik joods ben, het christelijke standpunt is dat god er eerst was en daarna de wereld, terwijl het joodse standpunt bijna lijkt te zijn dat het universum er is om god mogelijk te maken. Het is een beetje anders. Met andere woorden, ik schep geen muziek, die is er al, en ik heb een conversatie met mijn materiaal, zie je. Ik ben niet zoals Stockhausen: “Hier, vrienden, ik geef jullie…”. Hij is een groot man, zoals Schweitzer, hij speelt orgel, hij speelt Bach op het orgel voor de wilden in Afrika. Ik heb dat gevoel niet. Weet je, er is een hele grappige conversatie. Stockhausen vroeg me naar mijn geheim, “wat is je geheim?” En ik zei, “ik heb geen geheim, maar als ik een standpunt heb, dan is het dat klanken net als mensen zijn, en als je ze duwt duwen ze terug. Dus als ik een geheim heb is het: duw je klanken niet.” Karlheinz leunt naar me toe en zegt: “niet eens een beetje?” [Give my Regards to Eighth Street pag 157]

Ik had een les op straat van Varèse, één les op straat, het duurde een halve minuut en het maakte een orkestrator van me. Hij zei, “wat ben je nu aan het schrijven, Morton?” Ik vertelde het hem. Hij zei, “Zorg ervoor dat je denkt aan de tijd die het nodig heeft om van het podium bij het publiek te komen. Laat me weten wanneer je een uitvoering krijgt, ik wil het graag horen.” En hij liep weer verder. Dat was mijn ene les, het duurde een ogenblik en ik begon, ik was ongeveer zeventien toen ik hem kende, en vanaf toen begon ik te luisteren. [Give my Regards to Eighth Street pag 170]

In het stuk van vanavond (Piano, violin, viola, cello) zal het je opvallen dat de strijkers zich heel vaak in dezelfde muzikale ruimte bevinden als de piano en dat idee kreeg ik eigenlijk, maar om hele andere redenen, van Ives. Het is ongelofelijk hoe bij Ives alles op elkaar gepropt zit en je toch heel helder alle stemmen in diezelfde ruimte kan horen en daar was ik altijd heel erg in geïnteresseerd. Ik denk niet dat het per se komt door zijn instrumentatie maar dat de collage-achtigheid van het materiaal het zo helder maakt. Maar het feit dat het allemaal in dezelfde ruimte gebeurt interesseert me. En recentelijk, de laatste vier of vijf jaar, ben in geïnteresseerd in het continu zetten van alle dingen in dezelfde ruimte, met name op zo’n manier dat als de pianist een centrale c speelt en de altviool speelt een schaduw centrale c als flageolet, ze niets met elkaar gemeen hebben. Ze klinken niet eens als c’s. De ene is slap en kaal en de andere is vol met bloed. Ik bedoel, het zijn verschillende werelden en ik wil het niet eens een klankkleurverschil noemen. Het is een dramatisch verschil. Toevallig blijken ze dezelfde toon te zijn maar dat zegt helemaal niets. [Morton Feldman in Middelburg pag 870]

In het begin was me helemaal niet bewust van de technische mogelijkheden van de langere stukken. Het enige dat ik merkte was dat ik begon geen dingen over de maatstreep heen te binden zodat de maten zelf flexibel zouden zijn als, en wanneer ik ze zou willen uitwisselen. Dat is het enige dat ik merkte. Maar de algemene term voor het stuk dat ik voor het Xenakis Ensemble schreef (Piano, violin, viola, cello) is “een rondo van alles”. Wat iets anders is dan een Duitse expressionistische montagefilm, komend, gaand, alle belangrijke gebeurtenissen voorgesteld in collagevorm. Het is een rondo van alles, alles wordt hergebruikt, komt terug. Vaak komt het terug maar een beetje veranderd en dat klinkt heel vreemd. Omdat je voelt dat het de foute noten zijn. Het gefixeerde register van de tonen, het is als een stempel en dan wordt het stempel een beetje vaag omdat je de noten anders hoort als ze terugkomen. Ze komen niet terug met veranderd materiaal, er is gewoon iets eigenaardigs met ze. [Morton Feldman in Middelburg pag 592]

In het stuk dat jullie gaan horen was het de eerste keer in jaren dat ik veel noten schreef op de C-snaar van een instrument. Ik bedoel een soort van hergeboorte van de altvioolklank helemaal onderaan in de eerste positie, een herboren cellogeluid en ik had het jarenlang vermeden – maar het is geweldig. [Morton Feldman in Middelburg pag 774]

Het stuk had een totaal nieuwe set voorwaarden voor me in het gebruik van instrumenten die ik al mijn hele leven gebruikte. Je zal horen dat de cello laag en sonoor is en dat er niet zoveel hoge noten en dingen zijn. Ik was bewust aan het werken met andere akoestische parameters voor de instrumenten en ik stelde me bewust voor nieuwe problemen, nieuwe problemen waar ik een soort van vooroordeel tegen zou hebben kunnen gehad. Ik had altijd een vooroordeel tegen die lage cello en dan de volgende noot die twee oktaven hoger is, zoals bij Debussy. Hij is gek op die sprong van twee oktaven die zo’n prachtige ingevulde klank geeft. Nu hou ik wel van dat homogene ingevulde maar ik moest het zelf ontdekken… Het is nog steeds geen conventioneel geluid. Ik wil niet doen alsof ik het geheim ga vinden om opnieuw Haydn te kunnen schrijven. Daar heb ik het niet over. Ik heb het over het je bevinden in een conventionele ruimte en die aanpassen en het behandelen alsof het helemaal niet conventioneel is en over wat ik kan doen binnen deze conventionele ruimte. [Morton Feldman in Middelburg pag 742]

(vraag uit het publiek: “hoeveel verantwoordelijkheid zou u denken heeft de componist tegenover zijn publiek?”)

Geen enkele. Waarom? Omdat als je niet het morele geweten hebt, als het ware, als je niet de menselijkheid bezit, zie je, wat voor zin heeft het dan? Wat voor zin heeft het om het publiek te manipuleren, om een brief te schrijven zoals Gluck, “ik wil muziek schrijven alsof ik middenin het publiek zit.” Alle reacties zie je, alles. Een heleboel van dat spul was eigenlijk publieksmanipulatie. Dat ze niet noodzakelijkerwijs bezig waren met het ontvouwen van tijd maar met timing, op een manier die de juiste reactie van het publiek geeft. Daar is verder niets mis mee. Pas geleden zei ik tegen iemand “we hebben genoeg muziek.Als we de komende vijf jaar geen muziek zullen hebben is dat prima. Wat we niet hebben is genoeg publiek. Ik ben heel erg geïnteresseerd in publiek en ik ben heel erg geïnteresseerd in een nieuw publiek. Ik ben niet langer geïnteresseerd in een publiek dat wil horen wat ze al gehoord hebben. Dat is geen welopgeleid publiek. En staan op interesse, (je vraagt tenslotte om interesse, je vraagt niet aan iemand om een volwassenencursus te nemen) betekent niet dat de muziek elitair is. Ik ben een New Yorker en voor een New Yorker is het onmogelijk elitair te zijn.

Je weet nooit wie of wat het publiek is. Dit is een waargebeurd verhaal. Het lijkt alsof ik het ter plekke verzin maar het is echt waar en gedocumenteerd. Ik had een conversatie met mijn leraar. Zijn naam was Stefan Wolpe, een geweldige man. En Stefan kwam uit de Weimarrepublik van de jaren ’20. Hij was marxist en had een studio in wat toen een van de meest proletarische straten van New York was. Het was op 14th Street en Sixth Avenue. En ik bracht een nieuw stuk met me mee en hij zei “Morton, het is zo esoterisch, je bent zo esoterisch. Is er niet zoiets als de gewone man op straat?” En we kijken naar beneden en wie loopt er over 14th Street en Sixth Avenue? Jackson Pollock. De gewone man op straat. Jackson Pollock was de gewone man op straat en hij was gek op mijn muziek. Een heleboel mensen hebben er problemen mee, En een heleboel mensen hebben er geen problemen mee. Wat interessant is van moderne muziek is dat als niemand ervan houdt je het toch niet kan tegenhouden. Ze blijven er maar tegen protesteren en op schelden. […] Het publiek. Groot, groot probleem. Ik bedoel, als je opgroeit met het idee dat er een publiek is, als je opgroeit om te zeggen “wie wil er muziek schrijven als er geen publiek is?”, dan heeft muziek je helemaal niet nodig. Als jij publiek nodig hebt om te componeren hebben we je niet nodig. […] De enige manier om van het publiek af te komen is om ze van je te vervreemden. En voor het eerst volgde ik een koers zonder dat er artistieke problemen waren die ik moest oplossen. Het was een sociaal probleem en ik loste het op door alleen maar voor goede vrienden te schrijven en deze vrienden bleken tot de beste musici ter wereld te behoren dus ik nam daar in ieder geval geen risico’s. Ik wilde af van de musicus. De musicus is een groot probleem, ze dicteren de smaak, ze dicteren hoeveel ze kunnen repeteren, hoeveel ze willen repeteren. Ze willen dingen spelen waarmee ze kunnen schitteren. Ze zijn niet per se zo op de hand van de componist. Dus ik denk niet meer aan de uitvoerder. Ik denk alleen aan een paar mensen die ik de afgelopen vijfendertig jaar heb gekend. Ze zijn gek op mijn muziek en spelen het prachtig. OK, dat probleem is opgelost.

Het volgende probleem is het hele idee van wat de echte lengte van een stuk is. Als je echt een stuk wilt schrijven en je wilt niet aan het publiek denken en je wilt niet aan de uitvoerder denken, hoe lang is het stuk dan? Als je niet de onbewuste programmering hebt dat een kant van een grammofoonplaat twintig tot vijfentwintig minuten is, hoe lang kan het stuk dan zijn? Dat was de kant die ik opging en mijn stukkken werden een uur, anderhalf uur, en ik schreef een strijkkwartet dat een uur en veertig minuten was. En we vonden dit geweldige kwartet om het te spelen in Californië. Het hele stuk lang was het stil. Het was nooit stil tijdens een stuk van twintig minuten van me. Ik vermoed dat ze dachten dat het een soort mediagebeurtenis was. Het was een uur en veertig minuten en ik kreeg een staande ovatie. Ze hebben me verteld dat ik met hetzelfde stuk een staande ovatie had in Venetië een jaar geleden. En nu in Toronto gaat mijn nieuwe strijkkwartet en dat duurt twee en een half uur… En ik merkte dat hoe langer mijn stukken werden, ik een nieuw publiek ontwikkelde. Voor wat voor reden dan ook. Er lijkt geen probleem te zijn met het feit dat het anderhalf uur duurt en zo. En ik denk dat deze stukken een nieuw soort publiek zullen gaan ontwikkelen, een publiek dat luistert, dat wil luisteren en dat het nodig heeft om te luisteren. De afgelopen vijfentwintig jaar hadden we het Publiek met hoofdletter P, nu hebben we het publiek met kleine letter p, en ze hebben het nodig. Dat was een formule waarmee ik helemaal bij toeval een nieuw publiek kreeg, terwijl ik alleen maar het oude publiek kwijt wilde. (uit een lezing in Johannesburg, Zuid Afrika, augustus 1983)

Download het volledige programmboekje in pdf.

Op bezoek bij Felix Meritis om ons concert van 15 november voor te bereiden. We serveren een speciaal Morton Feldman menu, met soep, brood en wijn voor €7,50. Komt dus allen om 19 uur en schuif aan bij de musici!